Albana
Albana is een van de oudste witte druivenrassen van Italië, met wortels in Emilia-Romagna. De druif dankt haar naam mogelijk aan de Colli Albani, de vulkanische heuvels bij Rome, al ligt het huidige hart van deze druif ver naar het noorden. De eerste beschrijving van deze druif stamt uit 1305, toen Pietro de Crescenzi haar aanduidde als een witte druif die een krachtige wijn oplevert. Onderzoek naar het DNA van de druif wijst uit dat Garganega een van de ouderdruiven is, wat de familiare band met Soave verklaart. Albana kreeg als eerste witte druif van Italië de hoogste classificatie: Albana di Romagna was de eerste witte wijn die in 1987 een DOCG-classificatie kreeg, een erkenning die de status van deze druif in de Italiaanse wijnwereld voor altijd heeft veranderd.
Enig resultaat
Enig resultaat
Albana is een van de oudste witte druivenrassen van Italië, met wortels in Emilia-Romagna. De druif dankt haar naam mogelijk aan de Colli Albani, de vulkanische heuvels bij Rome, al ligt het huidige hart van deze druif ver naar het noorden. De eerste beschrijving van deze druif stamt uit 1305, toen Pietro de Crescenzi haar aanduidde als een witte druif die een krachtige wijn oplevert. Onderzoek naar het DNA van de druif wijst uit dat Garganega een van de ouderdruiven is, wat de familiare band met Soave verklaart. Albana kreeg als eerste witte druif van Italië de hoogste classificatie: Albana di Romagna was de eerste witte wijn die in 1987 een DOCG-classificatie kreeg, een erkenning die de status van deze druif in de Italiaanse wijnwereld voor altijd heeft veranderd.
De druif zelf heeft een herkenbaar uiterlijk: langwerpige, smalle trossen met een dunne schil en een goudgele kleur wanneer de druiven volledig rijp zijn. Die dunne schil is meteen ook een sleutel tot het karakter van de wijn, want ze leent zich uitstekend voor het laten indrogen van de druiven, waardoor geconcentreerde, zoete wijnstijlen kunnen ontstaan.
Wat is Albana?
Albana is een autochtone witte druif die vrijwel uitsluitend voorkomt in het oostelijke deel van Emilia-Romagna. Het is een druif met weinig uitgesproken aroma op zichzelf, maar met een hoog suikergehalte en een stevige zuurgraad, een combinatie die haar geschikt maakt voor uiteenlopende wijnstijlen. Juist die veelzijdigheid maakt Albana een interessante druif om te leren kennen: dezelfde druif kan een strakke, droge wijn opleveren, maar evengoed een zoete, geconcentreerde dessertwijn. Klimaat en bodem van haar herkomstgebied lees je op de pagina over Emilia-Romagna; hier gaat het vooral over wat de druif zelf in het glas laat zien.
Hoe smaakt Albana?
In droge uitvoering toont Albana zich stevig van structuur, met een body die voller aanvoelt dan je van een lichte witte wijn zou verwachten. De geur is doorgaans gesloten tot subtiel, met tonen van appel, peer, abrikoos en soms een vleug honing of bloesem. Kenmerkend is een licht bittere toon in de afdronk, vaak vergeleken met amandel, die de wijn een hartig, gastronomisch karakter geeft in plaats van een zoetig fruitprofiel. De zuren zijn aanwezig maar niet scherp, wat de wijn een warme, ronde indruk geeft ondanks de frisheid.
Een veelgemaakte fout is denken dat Albana per definitie zoet is. Het tegendeel is waar: de meeste moderne, kwaliteitsgerichte flessen zijn juist droog gevinifieerd, terwijl de zoete en gedroogde stijlen een aparte, meer traditionele categorie vormen binnen dezelfde druif.
Waar wordt Albana verbouwd?
Albana komt voornamelijk voor in Emilia-Romagna, met kleinere aanplant in La Spezia in Ligurië en Mantova in Lombardije. Binnen Emilia-Romagna concentreert de teelt zich in de provincies rond Bologna, Forlì-Cesena en Ravenna, met Bertinoro als een van de plekken waar de druif traditioneel het best gedijt. De wijngaarden liggen doorgaans op de glooiende heuvels tussen Faenza en Rimini, aan de voet van de Apennijnen. Voor de precieze invloed van klimaat en bodem op de wijnstijl verwijs ik je graag door naar de pagina over Emilia-Romagna.
Hoe wordt Albana gevinifieerd?
De manier waarop Albana wordt gevinifieerd bepaalt in hoge mate welke wijn je uiteindelijk in het glas krijgt, en dat is precies waarom deze druif zo veelzijdig is. Voor de droge stijl, de Secco, wordt meestal gekozen voor een beheerste vergisting op temperatuur, soms met een korte schilcontact om extra structuur en kleur te winnen. Sommige producenten laten de wijn nog enkele maanden rijpen op grote vaten, wat de body ronder maakt zonder dat er nadrukkelijke houttonen ontstaan. Voor de zoetere stijlen, van Amabile tot Passito, worden de druiven na de oogst laten indrogen, waardoor het suikergehalte verder oploopt en de smaken zich concentreren tot iets diepers en rijkers.
Er bestaat ook een meer experimentele kant van Albana: door de schil langer te laten macereren, zoals bij rode wijn, ontstaat een oranje wijn met meer grip en een lichte tanninestructuur. Dit is geen mainstream stijl, maar wel een die laat zien hoe flexibel deze druif eigenlijk is in de kelder. Welke aanpak een producent kiest, zegt dan ook minstens zoveel over de wijn als de druif zelf.
Waar past Albana bij?
De stevige structuur en de hartige afdronk van droge Albana maken de wijn een prettige metgezel bij gerechten die net iets meer body vragen dan een lichte witte wijn kan bieden. Denk aan gebakken of gegrilde vis, gevogelte met een romige saus, of gerechten met een licht kruidig karakter zoals milde curry’s. Ook bij hartige pastagerechten met room of boter komt de combinatie van body en frisse zuren goed tot zijn recht. De zoetere stijlen lenen zich juist voor gerijpte kazen of als begeleider van een dessert op basis van fruit, waarbij de natuurlijke zoetheid van de wijn een tegenhanger vormt voor de zuurtjes in het gerecht.
Waar let je op bij het kiezen van Albana?
Check altijd of je een droge, halfzoete of zoete stijl in handen hebt, want het etiket vermeldt dit niet altijd even duidelijk en de verschillen in smaak zijn groot. Let ook op de manier van rijpen: een Albana die op vaten heeft gelegen, voelt vaak ronder en vollediger aan dan een jonge, in roestvrijstaal vergiste versie. De hoeveelheid handwerk in de wijngaard en de opbrengst per hectare spelen bij elke wijn een rol in hoeveel aandacht en concentratie er in de druiven terechtkomt, wat uiteindelijk doorwerkt in de intensiteit van de wijn. Wie een stevige, gastronomische witte wijn zoekt, kiest bewust voor de droge Secco-stijl in plaats van de meer traditionele zoete varianten.
Veelgestelde vragen
Is Albana droog of zoet?
Albana kan beide zijn, en dat is precies wat deze druif onderscheidt van de meeste andere witte druiven. De wijn wordt van droog tot halfzoet tot zoet gemaakt, en hoewel Albana bij velen vooral bekend staat als zoete, gedroogde wijn, kan hij minstens zo goed droog worden genoten. Bij het kiezen van een fles is het dus verstandig om goed te letten op de aanduiding Secco, Amabile, Dolce of Passito.
Op welke temperatuur schenk je Albana?
Voor de droge stijl geldt een serveertemperatuur tussen 10 en 12 graden, iets hoger dan je bij een lichte witte wijn zou aanhouden, omdat de body van Albana anders wat plat kan overkomen. Zoetere en gedroogde stijlen serveer je juist iets koeler, rond 8 tot 10 graden, zodat de zoetheid niet te zwaar aanvoelt.
Welk glas past bij Albana?
Een iets breder, bolvormig wijnglas doet Albana meer recht dan een smal fluitglas, omdat de wijn ruimte nodig heeft om zijn subtiele aroma’s van appel, abrikoos en amandel te laten ontplooien. Voor de zoete en gedroogde stijlen kun je een kleiner dessertwijnglas gebruiken, zodat je in kleinere teugjes van de concentratie kunt genieten.
Hoe lang kun je Albana bewaren?
Droge Albana drink je doorgaans het prettigst binnen twee tot drie jaar na de oogst, wanneer de frisheid nog volop aanwezig is. De zoete en gedroogde Passito-stijlen hebben een aanzienlijk langer bewaarpotentieel en kunnen door hun hoge suiker- en zuurgehalte vaak tien jaar of langer verder rijpen, waarbij de kleur verdiept naar een goudgele tot amberkleurige tint.
Met welke druiven wordt Albana geblend?
De DOCG-regels laten een klein percentage van andere lokale witte druiven toe, meestal niet meer dan een paar procent, zodat de wijn overwegend puur Albana blijft. In de praktijk kiezen de meeste kwaliteitsgerichte producenten voor honderd procent Albana, juist om het karakter van de druif zo zuiver mogelijk te laten spreken.
Welke stijlverschillen zijn er per streek?
Rond Bertinoro geldt de reputatie dat Albana hier het meest verfijnd en mineraal uit de bus komt, dankzij de kalkrijke bodems op de hellingen. Verder naar het oosten, richting Rimini, tonen de wijnen zich vaak iets voller en fruitiger. Deze nuances hangen sterk samen met bodem en microklimaat, onderwerpen die je uitgebreider terugvindt op de pagina over Emilia-Romagna.


